Waarom moedertaalsprekers broodnodig zijn
Goed vertalen is niet iedereen gegeven. Het Belgische pr-bureau HL Event had uitnodigingen...
Iedereen gelijk op het internet vanaf 2010 met de komst van niet-Latijnse IDNs
‘Eén wereld. Eén Internet. Iedereen verbonden'.
Taalnieuws haalt nogmaals de voorpagina's met de aankondiging van een zet die het Internet toegankelijk maakt voor ettelijke miljoenen gebruikers wereldwijd.
Vandaag de dag zijn domeinnamen enkel beschikbaar in 37 Latijnse karakters - de letters A tot Z, de cijfers 0 tot 9 en het koppelteken. Op 16 november 2009 lanceerde het ICANN (The Internet Corporation for Assigned Names and Numbers) echter het IDN (Internationalized domain names) ccTLD (country code top-level domain) Fast Track Process met de aankondiging dat domeinnamen vanaf 2010 beschikbaar zullen zijn in niet-Latijnse schriften, met tot 100 000 beschikbare karakters. ‘IDN's (Internationalized Domain Names) zijn de grootste wijziging aan de onderliggende structuur van het Internet sinds de uitvinding ervan 40 jaar geleden', aldus Peter Dengate Thrush, de voorzitter van ICANN.
ICANN is een internationale organisatie zonder winstoogmerk dat verantwoordelijk is voor het management en coördinatie van het Internet-domeinnaamsysteem. Het werd opgericht in 1998 als een onafhankelijke, onpartijdige en niet-gereguleerde organisatie en heeft landen en gebieden wereldwijd opgeroepen om aanvragen voor een domeinnaam in de eigen taal in te dienen. ‘Meer dan de helft van de internetgebruikers wereldwijd hanteren geen Latijns schrift voor hun moedertaal. IDN's zorgen ervoor dat het Internet globaler en toegankelijker voor iedereen wordt‘, vertelt Rod Beckstrom, de president en CEO van ICANN. Het is de grootste wijziging die het Internet sinds decennia gezien heeft, en die ondermeer de Chinese, Arabische en Cyrillische lettertekens net zoveel zichtbaarheid en toegang zal geven als hun Latijnse tegenhangers. Deze webadressen kunnen volgend jaar al op onze monitors ingeburgerd zijn; de uitbreiding van het Internet zou wel eens het beste voorbeeld van sociale integratie kunnen zijn waarvan cyberspace en de wereld ooit getuige zijn geweest.
Dit is een positieve stap voorwaarts: kinderen over de hele wereld zullen het internet in hun eigen taal kunnen gebruiken; gebruikers kunnen het Internet op met hun eigen keyboard in hun eigen taal; lokale bedrijven kunnen gelokaliseerde webadressen creëren en zowel medische organisaties als lokale nieuwsagentschappen, scholen en andere organisaties zullen informatie sneller online kunnen verspreiden.
Echter, mensenrechtenorganisaties hebben enkele vraagtekens gezet bij de expansie van IDN's in landen waar censuur troef is. Volgens hen is een paradox ontstaan waarbij de expansie van toepassing zal zijn in landen waar het Internet hevig gereglementeerd is, waar hogesnelheidsverbindingen aan banden worden gelegd en censuur de bovenhand heeft. Tijdens een recente rechtszaak in Thailand werden twee personen beschuldigd van de vertaling en online publicatie van een document waarin werd verwezen naar de gezondheid van de koning - een tekst die onmiddellijk beschikbaar was buiten de landsgrenzen. Niettemin blijkt de zet zeer succesvol te zijn; vier dagen na de lancering bevestigde ICANN op haar blog dat al 10 aanvragen in vijf verschillende talen ingediend waren.
ICANN heeft negen jaar gewerkt om haar programma tot voltooiing te brengen, een taak die sterk leunde op het werk van vrijwilligers - het waren trouwens ook vrijwilligers die de Spaanse versie van Twitter vertaalden - wat nogmaals de passie voor taalkundige aangelegenheden benadrukt bij mensen over de hele wereld. ‘Sommige mensen zien een cacafonie', besloot Rod Beckstrom. ‘Ik zie echter een symfonie', en het blijkt zeer zeker een beweging te zijn die de steun geniet van duizenden mensen die in harmonie samenwerken om ICANN's droom - 'Eén Wereld. Eén Internet. Iedereen verbonden' - te verwezenlijken.


